[Aangepaste installatie] Vanaf de DVD-ROM (netwerkverbinding)
In dit gedeelte wordt de procedure uitgelegd voor het zoeken naar een netwerkapparaat en het installeren met [Aangepaste installatie] op de meegeleverde DVD-ROM. Bij deze procedure kunt u opgeven welke software en handleidingen u wilt installeren.
Voorwaarden
Een TCP/IP-netwerkomgeving
Neem contact op met uw netwerkbeheerder als u de netwerkomgeving niet kent.
Het apparaat moet zich in hetzelfde subnet bevinden als de computer die u gebruikt.
Als u de computer start, log dan in als een gebruiker met beheerdersrechten.
Procedures
1.
Plaats de DVD-ROM in de computer → klik op [Aangepaste installatie].
Als het menu DVD-ROM niet wordt weergegeven, klik dan op "Details openen".
Start in de volgende procedure het installatieprogramma op. Voer als naam van de DVD-ROM-schijf "D:" in.
Als er een melding verschijnt die u vraagt om een DVD-rom te plaatsen of als Windows Verkenner wordt weergegeven: [MInst.exe] uitvoeren.
Als er niets wordt weergegeven: [Uitvoeren] > [D:\MInst.exe] invoeren > [MInst.exe] uitvoeren.
2.
Als het scherm [Selecteer het type verbinding] wordt weergegeven, selecteer dan [Netwerkverbinding] → klik op [Volgende].
3.
Selecteer de software die u wilt installeren → klik op [Installeren].
4.
Lees de licentieovereenkomst → klik op [Ja].
5.
Selecteer een taal → klik op [Volgende].
6.
Selecteer het apparaat dat u gebruikt → klik op [Volgende].
[Een snelkoppeling op het bureaublad maken voor UI op afstand]:
Vink dit selectievakje aan om een snelkoppeling met de naam van het apparaat aan te maken op het bureaublad. Door op de snelkoppeling te klikken, kunt u het apparaat in een webbrowser bedienen met behulp van de UI op afstand. Voor talen die niet door de UI op afstand worden ondersteund, wordt de UI op afstand weergegeven in het Engels. Dit selectievakje is standaard aangevinkt als de installatietoepassing wordt gestart.
OPMERKINGAls het apparaat niet wordt weergegeven in [Apparatenlijst], controleer de verbindingstoestand dan tussen de computer en het apparaat en de instellingen van het IP-adres en klik op [Apparatenlijst bijwerken]. Als het apparaat nog steeds niet wordt weergegeven, klik dan op [Zoeken op IP-adres] → voer het IP-adres van het apparaat in → klik op [OK]. Raadpleeg de handleiding van het apparaat voor de IP-adresbevestigingsmethode.
Wanneer u de installatie van het stuurprogramma ongedaan maakt, wordt de snelkoppeling naar de UI op afstand niet automatisch verwijderd. U kunt deze handmatig verwijderen indien nodig.
Als het IP-adres van het apparaat wordt gewijzigd nadat de snelkoppeling naar de UI op afstand is gemaakt, kan de UI op afstand niet langer worden geopend via de snelkoppeling.
7.
Selecteer het te installeren stuurprogramma → klik op [Volgende] → stel in zoals vereist.
Als er een lijst met stuurprogramma's overeenkomstig de paginabeschrijvingstaal wordt weergegeven nadat u een printerstuurprogramma hebt geselecteerd in het scherm [Stuurprogramma selecteren], selecteert u het stuurprogramma dat u gaat gebruiken.
Als u de bestemmingscomputer wilt installeren als afdrukserver, selecteert u het volgende.
Selecteer het scherm [Stuurprogramma selecteren] > [Canon Driver Information Assist Service].
Selecteer het scherm [Instellingen bevestigen] > [Gebruiken als gedeelde printer] of [Gebruiken als gedeelde fax].
8.
Controleer de instellingen → klik op [Starten].
9.
De standaardprinter instellen en het afdrukken testen.
Bij het instellen als een standaard stuurprogramma: selecteer het stuurprogramma → klik op [Volgende]
Wanneer u het afdrukken test: selecteer het selectievak van het stuurprogramma
10.
Klik op [Afsluiten].
11.
Als u MF Scan Utility hebt geselecteerd, controleer dan de instructies op het scherm → selecteer een taal en klik op [Volgende] als u wilt doorgaan met de installatie.
12.
Installeer de software overeenkomstig de instructies op het scherm → klik op [Volgende].
13.
Werp de DVD-ROM uit, selecteer [Computer nu opnieuw opstarten (aanbevolen)] en klik op [Opnieuw opstarten].
Indien correct geïnstalleerd, wordt een pictogram van het MF-stuurprogramma of de software weergegeven in de hieronder weergegeven locaties. Als het pictogram niet wordt weergegeven, verwijder dan het MF-stuurprogramma of de software, en verricht de installatie opnieuw.
Voor een printer- of faxstuurprogramma:
Vanuit [

Instellingen] in het Startmenu, [Bluetooth en apparaten] (of [Apparaten]) > [Printers en scanners].
Voor een scannerstuurprogramma:
In het zoekvenster van [Configuratiescherm] zoekt u op "Scanners en camera's weergeven" door het in te voeren > [Scanners en camera's weergeven] > [Scanners en camera's].
Voor MF Scan Utility:
Startmenu > [Alle apps] > map [Canon].
Als [Alle apps] niet boven de vastgemaakte apps in het Startmenu verschijnt, controleer dan het volgende.
Lijst met apps in het Startmenu > map [Canon].
Voor andere software of elektronische handleidingen:
Taakbalk of bureaublad
Verwante onderwerpen