<Instellingen draadloos LAN>
Geef de methode aan voor het verbinden van de machine aan een draadloze LAN-router.
<WPSdrukknopmodus>: configureer verbindingsinstellingen via knopbedieningen.
<WPSpincodemodus>: registreer een PIN-code gecreëerd op de machine op de draadloze LAN-router met behulp van een ander apparaat zoals een computer.
<Overige (Handm. inst.)>: geef alle instellingen voor de draadloze LAN-verbinding handmatig aan wanneer u gedetailleerde instellingen wilt aangeven, zoals beveiligingsinstellingen of wanneer u geen verbinding kunt maken met een andere methode.
Als u <WPSdrukknopmodus> hebt geselecteerd

Wanneer <Zoeken... Houd de WPS-knop op het toegangspunt ingedrukt.> wordt weergegeven, drukt u binnen twee minuten op de WPS-knop van de draadloze LAN-router en houd deze ingedrukt.
Het kan nodig zijn om de knop gedurende twee seconden of langer ingedrukt te houden, afhankelijk van de draadloze LAN-router die u gebruikt. Zie de instructiehandleiding meegeleverd met het apparaat dat u gebruikt.
<Verbonden.> wordt weergegeven op het scherm wanneer de draadloze LAN-router wordt gedetecteerd.
Als de draadloze LAN-router is ingesteld voor gebruik van WEP-authentificatie, kan de machine mogelijk geen verbinding maken met WPS.
Druk op <Next>.
Ga verder met de volgende stap
<Gebruik IP-adres>Als u <WPSpincodemodus> hebt geselecteerd

Open de draadloze LAN-router vanaf een apparaat zoals een computer en voer de PIN-code in die wordt weergegeven op de machine.
Wanneer de instellingen zijn voltooid, wordt <Verbonden.> weergegeven op het scherm.
Voer de gegenereerde PIN-code binnen twee minuten in om de verbinding te configureren.
Als de draadloze LAN-router is ingesteld voor gebruik van WEP-authentificatie, kan de machine mogelijk geen verbinding maken met WPS.
Druk op <Next>.
Ga verder met de volgende stap
<Gebruik IP-adres>Als u <Overige (Handm. inst.)> hebt geselecteerd, gaat u verder naar
<Overige (Handmatig instellen)>.