<Aanpassen/Onderhoud>
<Aanpassen beeldkwaliteit>
<Aanpassen/Onderhoud>
<Aanpassen beeldkwaliteit>
<Aanpassen/Onderhoud>
<Aanpassen beeldkwaliteit>
<Speciale verwerking>![]() |
Als u <Preventiemod. Waterdruppelpatroon> instelt, wordt de afdruksnelheid voor het eerste vel langzamer. |

<Aanpassen/Onderhoud>
<Aanpassen beeldkwaliteit>
<Speciale verwerking>![]() |
Als <Modus 1> is ingesteld, wordt het correctie-effect zwakker. Het effect wordt sterker als <Modus 2> is ingesteld. De tonerdichtheid op de afdruk kan echter lichter worden wanneer <Modus 2> is ingesteld. |

<Aanpassen/Onderhoud>
<Aanpassen beeldkwaliteit>
<Speciale verwerking>![]() |
Als de flap van de enveloppe gelijmd is, stelt u het fixeerniveau in op <Laag>. Als de toner niet voldoende gefixeerd is op enveloppen, stelt u het fixeerniveau in op <Hoog>. Deze instelling is alleen geldig wanneer u afdrukt op enveloppen. |

<Aanpassen/Onderhoud>
<Aanpassen beeldkwaliteit>
<Speciale verwerking>![]() |
Deze instelling is alleen ingeschakeld wanneer papier wordt geladen in de multi-purpose tray en <Type papier> is ingesteld op <Dik 4>. Bij deze instelling is de machine beperkt tot eenzijdig afdrukken, ook bij gebruik van papier waarvoor tweezijdig afdrukken is toegestaan. Bij instelling op <Aan>, zal de afdruksnelheid langzamer zijn. |

<Aanpassen/Onderhoud>
<Aanpassen beeldkwaliteit>![]() |
Deze instelling is alleen geldig voor de volgende papiersoorten. Normaal 3 Dik 1 Dik 2 Dik 3 Dik 4 Bond Briefkaart Envelop Apotheekzakje Stel een lagere waarde in om de afdrukdichtheid te verminderen en een hogere waarde om de afdrukdichtheid te verhogen. Het wijzigen van deze instelling verandert ook het tonerverbruik. |