<Beheerinstellingen>

<Wachtwoordsterkte-indicator gebruiken>

 (Inst./Registrern)  <Beheerinstellingen>  <Gebruikersbeheer>  <Authentificatiebeheer>  <Verificatie via toetsenbord>
U kunt nu selecteren of u een meter wilt weergeven die op het scherm de wachtwoordsterkte laat zien voor het invoeren van een wachtwoord bij de registratie of bewerking van gebruikersinformatie.
Als <Aan> is geselecteerd, kan de wachtwoordsterkte worden aangepast naar een van vijf niveaus.
Als de wachtwoordsterkte is ingesteld op 1, zijn er geen beperkingen voor wachtwoordinstellingen.
Als de wachtwoordsterkte is ingesteld op 2 of hoger, kunt u geen wachtwoorden instellen op een lagere sterkte dan u hebt ingesteld.
Als het ingevoerde wachtwoord niet voldoet aan de minimale tekenlengte, wordt een foutbericht weergegeven.
Item
Beschrijving instelling
DeviceAdmin
NetworkAdmin
Kan in Remote UI (UI op afstand) worden ingesteld
Importeer alles-functie
Naam item wanneer dit met Remote UI (UI op afstand) wordt geëxporteerd
<Wachtwoordsterkte-indicator gebruiken>

<Aan>, <Uit>
Wanneer <Aan> is geselecteerd:
<Vereist wachtwoordsterkte>: <Verminderen>, <Vermeerderen> (5 niveaus)
Nee
Nee
Ja
C
Basisinformatie instellingen/registratie

<Wijzig altijd het ongeldige wachtwoord bij inloggen>

 (Inst./Registrern)  <Beheerinstellingen>  <Beveil.instellingen>  <Authentificatie/wachtwoordinstel.>  <Wachtwoordinstellingen>
U kunt nu selecteren of u wilt verhinderen dat de beheerder zich op de machine aanmeldt met de standaard gebruikersnaam en wachtwoord.
Als een van de items voor <Beleid voor wachtwoordinstellingen> in <Instellingen Beveiligingsbeleid> is ingeschakeld, is dit item ingesteld op <Aan>.
Item
Beschrijving instelling
DeviceAdmin
NetworkAdmin
Kan in Remote UI (UI op afstand) worden ingesteld
Importeer alles-functie
Naam item wanneer dit met Remote UI (UI op afstand) wordt geëxporteerd
<Wijzig altijd het ongeldige wachtwoord bij inloggen>
<Aan>, <Uit>
Nee
Nee
Ja
C
Basisinformatie instellingen/registratie
F75R-010