Voorbereidingen voor het gebruik van een USB-geheugenapparaat

Hierdoor kunnen gescande gegevens op een USB-geheugenapparaat worden opgeslagen en bestanden op het USB-geheugenapparaat worden afgedrukt.
Standaard is opslaan en afdrukken niet toegestaan.
In deze sectie ziet u hoe u de instellingen kunt configureren vanaf een computer met Remote UI (UI op afstand).
Selecteer op het bedieningspaneel [ Inst./Registrern] in het scherm [Home] of ander scherm en selecteer vervolgens [Functie-instellingen] om de instellingen te configureren. [Scan-/afdrukfunctie gebruiken]
Beheerders- of DeviceAdmin-bevoegdheden zijn vereist. De machine moet opnieuw worden opgestart om de geïmporteerde instellingen toe te passen.
1
Meld u aan Remote UI (UI op afstand) als beheerder. De Remote UI (UI op afstand) starten
2
Klik op de Portal-pagina van Remote UI (UI op afstand) op [Instellingen/Registratie]. Remote UI (UI op afstand)-portaalpagina
3
Klik op [Opslaan/Toegang bestanden]  [Instellingen geheugenmedia].
Het scherm [Instellingen geheugenmedia] wordt weergegeven.
4
Schakel het selectievakje [Scanfunctie gebruiken] of [Afdrukfunctie gebruiken] in en klik op [OK].
5
Herstart de machine. Herstarten van de machine
De instellingen worden toegepast.
N.B.
Als een USB-geheugenapparaat niet wordt weergegeven of herkend
Configureer op het bedieningspaneel de instellingen voor weergave van [Geheugenmedia] in [Scannen en opslaan] of [Toegang opgeslagen bestanden] in het scherm [Home]. [Instellingen Weergave opslaglocatie]
Wanneer MEAP-stuurprogramma voor USB-opslagapparaat gebruiken is ingeschakeld, wordt het USB-geheugenapparaat mogelijk niet herkend, ook al is het correct aangesloten. [Gebruik MEAP-stuurpr. v USB-opslagapp.]
F4EX-0AC