[Algemene instellingen]

Configureer de instellingen die gemeenschappelijk zijn voor de functies voor het ontvangen en doorsturen van faxen en I-Faxen.
* Waarden in rode tekst geven de standaardinstellingen voor elk item aan.
[ Instellingen/Registratie] [Functie-instellingen] [Ontvangen/Doorzenden] [Algemene instellingen]
Instellen of ontvangen faxen en I-Faxen op beide zijden van het papier moeten worden afgedrukt.
[Aan], [Uit]
[ Instellingen/Registratie] [Functie-instellingen] [Ontvangen/Doorzenden] [Algemene instellingen]
Stel in of het formaat van ontvangen faxen moet worden verkleind, zodat ze op het papier passen wanneer ze worden afgedrukt.
Om het formaat te verkleinen, selecteert u [Aan], stelt u de verkleiningsverhouding in en selecteert u of u de beeldverhouding wilt behouden.
Als u [Uit] selecteert, worden ontvangen faxen en I-Faxen die niet op het papier passen, gesplitst en op aparte pagina's afgedrukt.
Selecteer in [Verkleiningsmodus] of de verkleinfactor automatisch wordt aangepast of een vaste waarde heeft. Als u [Auto] selecteert, wordt het formaat verkleind met een verkleiningspercentage dat varieert van de opgegeven waarde tot 100%.
Als u de beeldverhouding wilt bewaren, stelt u de [Verkleiningsrichting] in op [Verticaal & Horizontaal].
[Aan], [Uit]
[Verkleiningsmodus]
[Auto], [Vast]
[Verkl. %]
75 tot 90 tot 97%
[Verkleiningsrichting]
[Verticaal & Horizontaal], [Alleen verticaal]
[ Instellingen/Registratie] [Functie-instellingen] [Ontvangen/Doorzenden] [Algemene instellingen]
De handeling waarbij een faxbericht of I-Fax van twee pagina's wordt verkleind en de pagina's bij het afdrukken op één zijde van een vel papier worden geplaatst, wordt "2 op 1" genoemd. Stel in of u "2 op 1" afdrukken wilt uitvoeren voor ontvangen faxen en I-Faxen.
* Zelfs als u [Aan] selecteert, is het mogelijk dat de machine niet "2 op 1" afdrukt vanwege omstandigheden zoals opeenvolgende pagina's van verschillend formaat.
[Aan], [Uit]
N.B.
Als u deze instelling inschakelt, wordt een stippellijn in het midden van het papier afgedrukt.
* Als u de afzenderinformatie in de voettekst afdrukt, wordt de stippellijn niet afgedrukt binnen het gebied met de afzenderinformatie. [Paginavoettekst RX afdrukken]
[ Instellingen/Registratie] [Functie-instellingen] [Ontvangen/Doorzenden] [Algemene instellingen]
Stel in of u informatie zoals de ontvangsttijd en paginanummers wilt toevoegen bij het afdrukken.
Als u [Afdrukken] selecteert, wordt informatie zoals de ontvangsttijd en het paginanummer onder aan de pagina afgedrukt.
* Als u een e-mail zonder bericht ontvangt, worden het e-mailadres van de afzender (Van) en het onderwerp bovenaan de eerste pagina van het bijgevoegde bestand afgedrukt.
[Afdrukken], [Niet afdrukken]
[ Instellingen/Registratie] [Functie-instellingen] [Ontvangen/Doorzenden] [Algemene instellingen]
Stel in of de machine andere taken onderbreekt om faxen of I-Faxen af te drukken wanneer deze worden ontvangen.
[Aan], [Uit]
[ Instellingen/Registratie] [Functie-instellingen] [Ontvangen/Doorzenden] [Algemene instellingen]
Stel in of ontvangen faxen en I-Faxen worden opgeslagen in een vertrouwelijke faxinbox of worden doorgestuurd naar een andere bestemming, zoals een bestandsserver.
Als u [Aan] selecteert, configureert u de doorstuurvoorwaarden en doorstuurbestemming in [Doorstuurinstellingen]. [Doorstuurinstellingen]
[Aan], [Uit]
[ Instellingen/Registratie] [Functie-instellingen] [Ontvangen/Doorzenden] [Algemene instellingen]
Instellen hoe de machine faxen en I-Faxen behandelt die niet kunnen worden doorgestuurd.
Als geheugenvergrendeling is ingeschakeld wanneer u [Opslaan/Afdrukken] selecteert, worden de faxen en I-Faxen die niet kunnen worden doorgestuurd, opgeslagen. Als geheugenvergrendeling is uitgeschakeld, worden ze afgedrukt. Geheugenvergrendeling instellen
* Deze instelling is ingeschakeld als [Verwijder mislukte TX opdrachten] is ingesteld op [Aan]. [Verwijder mislukte TX opdrachten]
[Altijd afdrukken], [Opslaan/Afdrukken], [Uit]
[ Instellingen/Registratie] [Functie-instellingen] [Ontvangen/Doorzenden] [Algemene instellingen]
Stel de voorwaarden in voor het doorsturen van ontvangen faxen en I-Faxen. Als er geen voorwaarden zijn opgegeven, stuurt de machine alle faxen en I-Faxen door naar de opgegeven bestemming. Automatisch doorsturen en back-up maken van ontvangen faxen
* Deze instelling is ingeschakeld als [Gebruik doorzendinstellingen] is ingesteld op [Aan]. [Gebruik doorzendinstellingen]
[Ontv.methode]
[Geldig/ Ongeldig]
[Verwijderen]
[Registreren]
[Doorzenden zonder voorw.]
[Details/Bewerken]
[E-mail prioriteit]
[Lijst afdrukken]
[Zoeken]
[Wissen]
[ Instellingen/Registratie] [Functie-instellingen] [Ontvangen/Doorzenden] [Algemene instellingen]
Configureer de instellingen voor Geheugen RX Postvak IN (Geheugen RX Postvak IN en Gedeelde gegevens RX Postvak IN) en Vertrouwelijke faxpostvak.
[ Instellingen/Registratie] [Functie-instellingen] [Ontvangen/Doorzenden] [Algemene instellingen]
Stel in of de afzender op de hoogte moet worden gebracht als er een fout optreedt terwijl de machine een I-Fax ontvangt.
[Aan], [Uit]
E6LC-0S5