Kan gescande gegevens niet op een computer opslaan

Volg deze stappen om de status te controleren van de computer die wordt gebruikt als de opslaglocatie en van het apparaat:

Stap 1: Het optreden van het probleem controleren

Controleer het onderstaande in deze volgorde:
Treedt het probleem op alle computers op?
Controleer in dat geval de netwerkstatus en instellingen van het apparaat. Als het apparaat niet juist is aangesloten op het netwerk: kies andere netwerkinstellingen.
De netwerkstatus en instellingen controleren
Netwerk instellen
Scant u voor de eerste keer gegevens naar de computer?
Voer in dat geval voorbereidingen uit zoals het installeren van het scannerstuurprogramma (ScanGear MF) en de toepassing (MF Scan Utility) voor de computer die dient als opslaglocatie. Voorbereidingen maken om gescande gegevens op een computer op te slaan
Op het scherm om de computer te selecteren die moet worden gebruikt als opslaglocatie: wordt de computer weergegeven? (Alleen bij scannen vanaf het apparaat)
Als de computer de computer die dient als opslaglocatie niet wordt weergegeven, wordt communicatie van gescande gegevens misschien geblokkeerd vanwege de instellingen van de beveiligingssoftware.
Neem contact op met de softwarefabrikant voor informatie over de instellingen van de beveiligingssoftware.

Stap 2: De status van de computer controleren

Hebt u de beveiligingssoftware geïnstalleerd en geactualiseerd?
In dat geval zou de beveiliging kunnen zijn opgeschroefd waardoor communicatie tussen apparaat en computer niet meer mogelijk is.
Neem contact op met de softwarefabrikant om dit probleem te omzeilen.
Installeer het scannerstuurprogramma opnieuw.
Verwijder het stuurprogramma en installeer het opnieuw.
Voor meer informatie over het verwijderen en installeren van stuurprogramma's raadpleegt u de stuurprogrammahandleiding op de betreffende website.
https://oip.manual.canon/

Stap 3: De status van het apparaat controleren

Is het IP-adres van het apparaat of een ander apparaat veranderd?
Controleer in dat geval of het apparaat en het andere apparaat hetzelfde IP-adres hebben. Als ze hetzelfde IP-adres hebben, wijzig het dan in een ander adres.
IPv4-adressen instellen
Een IPv6-adres instellen

Stap 4: De opslaglocatie van de gescande gegevens controleren

De attributen van de opslaglocatie controleren (Windows).
Controleer op de computer of de attributen van de opslaglocatie niet ‘alleen lezen’ zijn.
1
Klik met de rechtermuisknop op de opslaglocatie en klik op [Eigenschappen].
Het eigenschappenscherm van de opslaglocatie wordt weergegeven.
2
Controleer of op het tabblad [Algemeen] het selectievakje [Alleen-lezen] in [Kenmerken] niet is ingeschakeld.
3
Als het selectievakje is ingeschakeld, schakel dan het selectievakje [Alleen-lezen] uit.
E10X-0F9