Controleer in dat geval de netwerkstatus en instellingen van het apparaat. Als het apparaat niet juist is aangesloten op het netwerk: kies andere netwerkinstellingen.
De netwerkstatus en instellingen controleren
Netwerk instellen
|
1
|
Klik met de rechtermuisknop op de gedeelde map van de opslaglocatie en klik op [Eigenschappen].
Het eigenschappenscherm van de gedeelde map wordt weergegeven.
|
|
2
|
Controleer op het tabblad [Beveiliging] of [Wijzigen] in [Iedereen] is ingesteld op [Toestaan].
|
|
3
|
Zo niet, stel dan [Wijzigen] in [Iedereen] in op [Toestaan].
|
|
1
|
Klik op [
[Systeemvoorkeuren] [Delen].Het scherm [Delen] wordt weergegeven.
|
|
2
|
Selecteer [Bestandsdeling] en selecteer in [Gedeelde mappen] de gedeelde map van de opslaglocatie.
|
|
3
|
Controleer of [Iedereen] in [Gebruikers] de toegangsbevoegdheid [Lezen en schrijven] heeft.
|
|
4
|
Zo niet, selecteer dan [Lezen en schrijven] in het snelmenu [Iedereen].
|
|
1
|
Klik met de rechtermuisknop op de gedeelde map van de opslaglocatie en klik op [Eigenschappen].
Het eigenschappenscherm van de gedeelde map wordt weergegeven.
|
|
2
|
Controleer of op het tabblad [Algemeen] het selectievakje [Alleen-lezen] in [Kenmerken] niet is ingeschakeld.
|
|
3
|
Als het selectievakje is ingeschakeld, schakel dan het selectievakje [Alleen-lezen] uit.
|